In 2009 heeft de minister van Veiligheid en Justitie een wetsvoorstel bij de Tweede Kamer ingediend teneinde de rechtspraak te moderniseren. Dit wetsvoorstel bevat onder andere een maatregel welke een verbreding van het werkterrein van de Kantonrechter tot gevolg heeft. Een goede zaak, want daardoor is het voor meer particulieren en bedrijven mogelijk om zich tot een rechter te wenden, omdat zij minder vaak verplicht worden een advocaat in te schakelen. Een Kantonrechter neemt immers ook zaken in behandeling van rechtzoekenden die zich niet laten bijstaan door een advocaat.

Rechtspraak; Huidige situatie:

De behandeling van civiele zaken vindt thans plaats door twee sectoren binnen de rechtbanken in Nederland: enerzijds de sector Kanton oftewel de Kantonrechter en anderzijds de sector civiel van de rechtbank ook wel de civiele rechter genaamd. Onder een civiel geschil wordt overigens verstaan alle geschillen tussen burgers (particulieren en/of bedrijven) onderling. Op dit moment behandelt de Kantonrechter geldvorderingen met een financieel belang met een waarde tot € 5.000,- of minder en daarnaast een aantal type zaken ongeacht het financiële belang daarvan, zoals arbeids- en huurzaken. Bij de berekening van de waarde van een geldvordering moet overigens ook rekening worden gehouden met de tot op het moment van dagvaarding verschuldigde rente alsook de gevorderde buitengerechtelijke incassokosten. Nevenvorderingen zoals een proceskostenveroordeling of een op te leggen dwangsom tellen daarentegen niet mee bij de vraag of een geschil het financiële belang ten bedrage van € 5.000,- overstijgt. Alle civiele geschillen die niet tot de bevoegdheid van de Kantonrechter behoren, worden behandeld door de civiele rechter van de rechtbank en bij de rechtbank is een rechtzoekende verplicht zich bij te laten staan door een advocaat. Bij de Kantonrechter heeft een rechtzoekende daarentegen de keuze of hij wel of niet een advocaat inschakelt.

Rechtspraak in de toekomst

Als het aan de demissionair minister van Veiligheid en Justitie en inmiddels ook aan de Tweede Kamer ligt wordt de bevoegdheid van de kantonrechter om civiele zaken te behandelen uitgebreid. Civiele zaken met een belang tot € 25.000,- behoren dan tot het werkterrein van de Kantonrechter. Ook wordt de Kantonrechter bevoegd in alle geschillen over consumentenkrediet (dat zijn leningen tot € 40.000) en consumentenkoop. Als gevolg van de uitbreiding van de bevoegdheid van de Kantonrechter zal het aantal zaken bij de Kantonrechter toenemen en het aantal zaken bij de civiele rechter afnemen en mogelijk dat ook meer rechtzoekenden hun weg naar de rechter zullen vinden. Voor particulieren en bedrijven zal het gemakkelijker worden om relatief eenvoudige zaken aan de rechter voor te leggen. De rechtelijke macht wordt daardoor laagdrempeliger en klantvriendelijker. De burger zal immers in meer zaken zelf de keuze kunnen maken of hij gebruik wil maken van een advocaat of dat hij een zaak desgewenst geheel zelfstandig zal bepleiten. Een keuze die vaak bij eenvoudige zaken met een gering financieel belang makkelijk is gemaakt, namelijk dat een rechtzoekende zich niet door een advocaat laat bijstaan. De kosten wegen immers bij dergelijke zaken niet op tegen de baten, waardoor veel wordt afgezien van het opstarten van een gerechtelijke procedure of het geschil wordt geregeld als het betrekking heeft op een betwiste geldvordering van bijvoorbeeld € 7.500,- of lager. De kosten van de in te schakelen gerechtsdeurwaarder, de verschuldigde griffierechten alsook de kosten van de advocaat staan immers al snel niet meer in verhouding tot de eventueel te realiseren baten in het geval een vordering wordt betwist. Want ook in het geval een rechtzoekende volledig in het gelijk gesteld wordt, worden al deze kosten niet volledig vergoed, iets wat de overheid in het leven heeft geroepen om het risico van een gigantische kostenveroordeling te voorkomen. Als het wetsvoorstel wordt aangenomen heeft een cliënt bij geldvorderingen van bijvoorbeeld € 7.500,- zelf de mogelijkheid om de procedure te voeren en zal de rol van de advocaat beperkt blijven tot het analyseren van het geschil en de ingenomen stellingen van partijen alsook de cliënt adviseren over het verloop van een gerechtelijke procedure.

Het woord is thans aan de Eerste Kamer die zal moeten besluiten of zij zich kan verenigen met een uitbreiding van de bevoegdheid van de kantonrechter. De verwachting is dat dit wetsvoorstel zal worden aangenomen maar of het voorgenomen moment van inwerkingtreding van 1 januari 2011 zal worden gehaald is op dit moment nog onbekend.

Naschrift juni 2011: Het wetsvoorstel is door de Eerste Kamer op 17 mei 2011 aangenomen. Met ingang van 1 juli 2011 is de verhoging van de competentiegrens van de Kantonrechter een feit.

Voor aanvullende informatie mail dan naar info@bernhaege.nl of bel direct 0413-352211.